Het fiscale belang van een verlengde belastingplicht na emigratie voor zeer
vermogende personen is beperkt en de uitvoeringslasten zijn groot.

Dit schrijft staatssecretaris Heijnen in een Kamerbrief over het vervolgonderzoek naar het
invoeren van een trailing tax. Nederland kent al diverse exitheffingen en een trailing tax kan
in beginsel vooral functioneren als aanvulling op of op basis van internationale afspraken.
Het effect van een trailing tax is de komende jaren beperkt, omdat Nederland een uitgebreid
verdragennetwerk heeft en een trailing tax in beginsel niet kan worden geëffectueerd als er
een verdrag ter voorkoming van dubbele belasting geldt.

Beperkt budgettair belang, grote uitvoeringslasten
Uit het onderzoek blijkt dat het verwachte fiscale belang van een trailing tax beperkt is. De
potentiële jaarlijkse opbrengst bedraagt circa € 16 tot 38 miljoen, afhankelijk van de gekozen
variant en duur van de maatregel, maar zal in de praktijk mede door gedragseffecten lager
uitvallen. De maatregel zou daarnaast grote uitvoeringslasten, aanzienlijke complexiteit en
intensivering van het toezicht met zich meebrengen. De toepassing is tijdsintensief,
privacygevoelig en vraagt toegang tot betrouwbare informatie, vooral bij niet-verdragslanden.
Invordering in die landen is zeer lastig en kostbaar door het ontbreken van bijstand bij
invordering en complexe buitenlandse invorderingsregels.
Het onderzoek laat zien dat een trailing tax in bijna 90% van de gevallen strijdig zou zijn met
een belastingverdrag. Slechts een kleine groep zeer vermogende emigranten zou
daadwerkelijk geraakt worden, terwijl ontwijkingsmogelijkheden – zoals eerst verhuizen naar
een verdragsland – reëel zijn. Daarmee bestaat het risico dat vooral emigraties zonder
fiscaal motief worden geraakt.

Alternatieven en internationale inzet
De staatssecretaris schetst verschillende varianten van een trailing tax, gericht op zeer
vermogende personen en/of landen met e lage belastingdruk, maar benadrukt dat de
uitvoerbaarheid sterk afhangt van de gekozen doelgroep, landenlijst en bewijsregels. Als
alternatief noemt hij een nieuwe exitheffing voor zeer vermogenden die emigreren naar
laagbelastende landen, berekend over het vermogen bij vertrek, maar benadrukt dat dit een
nieuw en internationaal niet toegepast concept is dat nadere verkenning vergt.
Het kabinet blijft inzetten op internationale afspraken binnen OESO en EU om fiscale
concurrentie en grondslaguitholling tegen te gaan en wil via een beleidsevaluatie nagaan of
bestaande exitheffingen hun doel bereiken. De keuze om een (variant van) trailing tax verder
te onderzoeken of in te voeren, laat de staatssecretaris aan een volgend kabinet.

Bron: Kamerbrief vervolgonderzoek trailing tax, nr. 2025-0000497873, Ministerie van
Financien, 15 december 2025